We gebruiken cookies om onze webpagina te verbeteren. Raadpleeg ons cookiebeleid .

Online Help

Volume

Opmerking: deze functie kan verschillen afhankelijk van het NAS-model dat wordt gebruikt.

De opslagruimte op uw NAS bestaat uit logische volumes die bestaan uit één schijf of uit meerdere gecombineerde schijven. Hier kunt u de nieuwe opslagruimte voor uw NAS instellen en het meest geschikte RAID-niveau selecteren volgens uw behoeften op het vlak van gegevensbescherming. Om de gegevensintegriteit te behouden, mag u alleen interne schijven gebruiken bij het maken van opslagruimte voor uw NAS. ADM biedt geen ondersteuning voor het gebruik van externe schijven voor opslagruimte.

Herinnering: de RAID-niveaus die u kunt gebruiken, hangen af van het uw NAS-productmodel en het aantal schijven dat u gebruikt.

Wanneer u nieuwe opslagruimte instelt, biedt ADM de volgende twee opties:

  • Snelle instelling: u hoeft alleen de vereisten voor de opslagruimte op te geven (bijv. als u een hoger niveau van gegevensbescherming wenst). Op basis hiervan en van het aantal schijven waarover u beschikt, zal ADM automatisch een opslagvolume maken en een geschikt RAID-niveau ervoor selecteren.
  • Geavanceerde instelling: op basis van het huidige aantal schijven kunt u handmatig een RAID-niveau selecteren of een reserveschijf instellen.
Herinnering: om het gebruik van de schijfruimte te optimaliseren, wordt het aanbevolen om schijven van dezelfde grootte te gebruiken bij het maken van opslagruimte.

Over RAID

Voor een optimaal gebruik van de opslagruimte en gegevensbescherming, ondersteunt ADM meerdere RAID-niveaus zodat u het geschikte niveau voor uw behoeften kunt selecteren. De volgende volumetypes worden allemaal ondersteund door ADM:

Niet-RAID-volumetypes

  • Eén: gebruikt slechts één schijf bij het creëren van de opslagruimte. Deze configuratie biedt geen enkel type gegevensbescherming.
  • JBOD: JBOD, een acroniem voor “just a bunch of disks (gewoon een paar schijven)”, maakt gebruik van een combinatie van twee of meer schijven voor het creëren van opslagruimte. De totale opslagcapaciteit is de som van de capaciteiten van alle schijven samen. Het voordeel van deze configuratie is, dat u hiermee schijven van verschillende grootten samen kunt gebruiken en dat u over een grote hoeveelheid opslagruimte kunt beschikken. Het nadeel is dat deze configuratie geen enkele gegevensbescherming biedt.

RAID-volumetypes

  • RAID 0: gebruikt een combinatie van twee of meer schijven om opslagruimte te creëren. De totale opslagcapaciteit is de som van de capaciteiten van alle schijven samen. Het voordeel van deze configuratie is, dat u hiermee schijven van verschillende grootten samen kunt gebruiken en dat u over een grote hoeveelheid opslagruimte kunt beschikken. Gegevens in RAID 0-volumes kunnen tevens in parallel worden geopend, wat zorgt voor een betere prestatie. Het nadeel is dat RAID 0 geen enkele gegevensbescherming biedt.
  • RAID 1: In RAID 1 worden uw gegevens identiek geschreven op twee schijven. Hierbij wordt een "gespiegelde set" gemaakt. Op elk ogenblik worden exact dezelfde gegevens opgeslagen op de twee schijven. RAID 1 beschermt uw gegevens tegen verlies in het geval dat één van de schijven zou defect raken. Het voordeel van RAID 1 is dat uw gegevens worden beschermd door het leveren van gegevensovertolligheid. Het nadeel van deze configuratie is, dat de totale opslagruimte bij het combineren van twee schijven met een verschillende grootte, gelijk is aan de grootte van de kleinste schijf. Dit betekent dat u een deel van de grotere schijf niet kunt gebruiken.

    Totale beschikbare opslagruimte = (grootte van kleinere schijf) * (1)

  • RAID 5: combineert drie of meer schijven om een opslagruimte te creëren die in staat is een defecte schijf te ondersteunen. Als één van uw schijven defect raakt, zijn uw gegevens nog steeds beschermd tegen verlies. In het geval van een schijffout, kunt u de defecte schijf gewoon vervangen door een nieuwe. De nieuwe schijf wordt automatisch opgenomen in de RAID 5-configuratie. Het voordeel van het gebruik van RAID 5 is, dat u beschikt over gegevensbescherming via gegevensovertolligheid. Het nadeel van het gebruik van RAID 5 is, dat de totale opslagruimte bij het combineren van schijven met een verschillende grootte, wordt berekend op basis van de grootte van de kleinste schijf.

    Totale beschikbare opslagruimte = (grootte van kleinste schijf) * (totaal aantal schijven – 1)

  • RAID 6: combineert vier of meer schijven om een opslagruimte te creëren die in staat is twee defecte schijven te ondersteunen. Als twee van uw schijven defect raken, zijn uw gegevens nog steeds beschermd tegen verlies. In het geval van een schijffout, kunt u de defecte schijven gewoon vervangen door nieuwe. De nieuwe schijven worden automatisch opgenomen in de RAID 6-configuratie. Het voordeel van het gebruik van RAID 6 is, dat u een uitstekende gegevensbescherming krijgt via gegevensovertolligheid. Het nadeel van het gebruik van RAID 6 is, dat de totale opslagruimte bij het combineren van schijven met een verschillende grootte, wordt berekend op basis van de grootte van de kleinste schijf.

    Totale beschikbare opslagruimte = (grootte van kleinste schijf) * (totaal aantal schijven – 2)

  • • RAID 10 (1+0): combineert vier of meer schijven om een opslagruimte te creëren die meerdere defecte schijven kan ondersteunen (zolang de defecte schijven niet bij dezelfde "gespiegelde set" horen). RAID 10 biedt de gegevensbescherming van RAID 1, samen met de toegangsefficiëntie van RAID 0. Voor de gegevensbescherming gebruikt RAID 10 de RAID 1-methode om exact dezelfde gegevens identiek op twee schijven te schrijven en zo "gespiegelde sets" te maken. Deze “gespiegelde sets” worden vervolgens gecombineerd in een RAID 0-configuratie. RAID 10 vereist een even aantal van vier of meer schijven. Wanneer u schijven van verschillende grootten combineert, wordt de totale opslagruimte berekend op basis van de grootte van de kleinste schijf.

    Totale beschikbare opslagruimte = (grootte van kleinste schijf) * (totaal aantal schijven / 2)

SSD Trim

Met SSD Bijsnijden inschakelen kunnen de op de NAS geïnstalleerde SSD's een stabiele lees-/schrijfprestatie onderhouden terwijl tegelijkertijd de frequentie van overschrijven van specifieke blokken wordt geregeld, waarbij de levensduur van SSD's wordt verlengd.

Opmerking:
  • Deze functie is alleen beschikbaar op de volgende modellen: AS-6/50/51/7 serie.
  • Bij het gebruik van een SSD in een configuratie van Enkel, JBOD- of RAID 0/1/10-volume, wordt de opdracht Bijsnijden er automatisch voor ingeschakeld.
  • De TRIM-functie kan onder RAID 5- en 6-configuraties alleen worden ingeschakeld op SSD's met DZAT-ondersteuning (Deterministic Read Zero after TRIM). Neem contact op met uw SSD-fabrikant voor gedetailleerde informatie over DZAT-ondersteuning.

Herinnering:

1. AS-10,20,30 serie -Maximale Größe für einzelnes Volumen: 16TB

2. Voor gebruikers die opwaarderen van ADM 2.X tot ADM 3.X en die doorgaan met het uitbreiden van de RAID-capaciteit, als de capaciteit onjuist wordt weergegeven, neem dan contact op met ASUSTOR-support om de NAS-parameters aan te passen.


Meer informatie

NAS 251 – Inleiding op RAID

NAS 352 – Online migratie van RAID-niveau en RAID-capaciteitsuitbreiding

NAS RAID-rekenmachine: https://www.asustor.com/service/RAID_calculator